Wetboek · Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag · geldig vanaf 2026-07-01

Artikel 15 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag — wettekst en uitleg

1. De werknemer heeft jegens de werkgever recht op een vakantiebijslag ten minste tot een bedrag van 8% van zijn ten laste van de werkgever komende loon, alsmede van de uitkeringen waarop hij tijdens de dienstbetrekking krachtens de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1 of de artikelen 4:2b of 6:3 van de Wet arbeid en zorg en de Werkloosheidswet aanspraak heeft, met dien verstande, dat het bedrag waarmede de som van dit loon en deze uitkeringen het drievoud van het minimumloon overschrijdt buiten beschouwing blijft.

2. De in het eerste lid bedoelde som wordt geacht het drievoud van het minimumloon te overschrijden indien deze over de uitbetalingstermijn van een maand, liggende in het tijdvak waarover recht op vakantiebijslag bestaat, gemiddeld meer bedraagt dan het drievoud van het in artikel 8, eerste lid, onder b, genoemde bedrag van het minimumloon. Indien de uitbetalingstermijn betrekking heeft op een andere periode dan een maand, wordt het minimumloon naar evenredigheid berekend. Hierbij wordt voor een uitbetalingstermijn van een week uitgegaan van 4 1/3 weken in een maand. Indien de uitbetalingstermijn betrekking heeft op een andere arbeidsduur dan een maand of week wordt die andere arbeidsduur vermenigvuldigd met het aantal van de in die termijn begrepen werkdagen, waarbij een maand wordt gesteld op 21,67 werkdagen. Onder werkdag wordt verstaan een dag die behoort tot de arbeidsduur.

3. Beloningen die de werknemer voor arbeid, door hem in de dienstbetrekking verricht, van derden ontvangt, worden, voor zover zij deel uitmaken van de arbeidsvoorwaarden, voor de toepassing van de voorgaande leden geacht ten laste van de werkgever komend loon te zijn.

4. Gelijktijdig met de toepassing van artikel 14, dertiende lid, gaat Onze Minister na of de ontwikkeling van het niveau van de in collectieve arbeidsovereenkomsten overeengekomen vakantiebijslag een verhoging van de minimumvakantiebijslag wenselijk maakt. Bij algemene maatregel van bestuur kan vervolgens het percentage, genoemd in het eerste lid, en dienovereenkomstig het percentage, genoemd in artikel 16, tweede en derde lid, worden verhoogd; daarbij kan tevens een minimum-bedrag worden vastgesteld voor het recht van de werknemer jegens zijn werkgever ingevolge het eerste lid.

Officiële tekst, Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, toestand geldig vanaf 2026-07-01 · bekijk op wetten.overheid.nl↗

Contracten die op dit artikel rusten

1 model van Lexparaat verankeren een clausule in artikel 15 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.

Dit is algemene informatie, geen juridisch advies. Twijfel je over jouw situatie? Scan je contract gratis — en als het advies moet worden, tekent er een jurist.

Bron: wetten.overheid.nl — Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (BWBR0002638), toestand geldig vanaf 2026-07-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.

Zie zelf wat er in je contract staat

Plak een contract, en Lexparaat leest eruit welke termijnen en risico's het bevat — elk met het letterlijke citaat erbij. Gratis, geen account nodig.

Scan een contract