Betaaltermijn tussen ondernemingen: wat de wet oplegt
🇧🇪 Dit artikel is geschreven op Belgisch recht. De genoemde wetsartikelen en termijnen gelden zo niet in jouw land; de contractmodellen maken we voor jou wél naar het recht dat bovenaan staat ingesteld.
Je levert goederen of diensten aan een andere onderneming en spreekt af dat de factuur binnen 90 dagen betaald mag worden. Of net het omgekeerde: een grote klant legt je een betaaltermijn van 120 dagen op, en je durft niet te weigeren uit angst de opdracht te verliezen. Klinkt herkenbaar? Dan is het goed om te weten dat de wet grenzen stelt aan hoe lang een betaaltermijn tussen ondernemingen mag zijn.
Wat regelt artikel 4 van de Wet Betalingsachterstand?
Deze bepaling gaat over handelstransacties, dus over leveringen van goederen of diensten tussen ondernemingen tegen vergoeding. Ze legt vast binnen welke termijn een factuur betaald moet worden. De regeling is eenvoudig, maar heeft een grote impact op je cashflow.
De basisregel is dit: heb je niets afgesproken over de betaaltermijn, dan geldt automatisch een termijn van 30 kalenderdagen. Die 30 dagen beginnen te lopen vanaf het moment dat je de factuur ontvangt, of vanaf de ontvangst van de goederen of diensten wanneer dat later gebeurt.
Je mag daar contractueel van afwijken, maar niet onbeperkt. De betaaltermijn mag contractueel verlengd worden tot maximaal 60 kalenderdagen. Spreek je een langere termijn af, bijvoorbeeld die 90 of 120 dagen uit het voorbeeld hierboven, dan geldt die langere termijn als niet geschreven. Met andere woorden: het deel boven de 60 dagen heeft geen juridische waarde en de wettelijke maximumtermijn treedt in de plaats.
Waarom is dit belangrijk voor jou?
Als leverancier bescherm je hiermee je liquiditeit. Je kan niet gedwongen worden om maandenlang op je geld te wachten. Zelfs als je een contract hebt getekend met een veel te lange termijn, kan je je beroepen op de wettelijke bovengrens.
Als klant betekent het dat je niet zomaar erg lange betaaltermijnen kan opleggen aan je leveranciers. Doe je dat toch in je factuurvoorwaarden of je aankoopcontracten, dan riskeer je dat die clausules geen effect hebben.
Let op: deze regels gelden voor transacties tussen ondernemingen onderling. De verhouding met een consument valt onder andere regels. Ook overheden die als schuldenaar optreden, kennen een eigen kader.
Concrete aandachtspunten
- Zet de betaaltermijn duidelijk in je documenten. Vermeld op je offertes, contracten en facturen expliciet binnen welke termijn betaald moet worden. Zwijg je erover, dan geldt automatisch 30 dagen. Dat is niet altijd wat je wil, maar ook niet altijd nadelig. Wees je er in elk geval bewust van.
- Ga geen termijn boven 60 dagen aan. Vraagt een klant om een langere termijn, weet dan dat zo'n afspraak juridisch geen stand houdt. Je kan beter vooraf realistisch onderhandelen dan achteraf discussies voeren over een clausule die toch niet telt. Wil je een klant tegemoetkomen, blijf dan binnen de wettelijke grens.
- Reageer snel bij te late betaling. Wordt een factuur niet op tijd betaald, stuur dan tijdig een ingebrekestelling. Een duidelijk opgebouwd dossier, met correcte factuurvoorwaarden en bewijs van je aanmaningen, versterkt je positie als je later verwijlintresten of schadevergoeding wil vorderen.
De kern om te onthouden: 30 kalenderdagen bij stilzwijgen, maximaal 60 kalenderdagen als je iets afspreekt. Wie een langere termijn probeert af te dwingen, botst op deze wettelijke grens. Door je facturatie en contracten hierop af te stemmen, hou je grip op je cashflow en vermijd je onaangename verrassingen.
Direct zelf regelen?
Stel het bijpassende model gratis op met Lexparaat — een jurist tekent jouw exemplaar.
Bronnen
art. 4 Wet Betalingsachterstand (BE) — Betaaltermijn handelstransacties. Betaaltermijn tussen ondernemingen: 30 kalenderdagen als niets is afgesproken, contractueel verlengbaar tot maximaal 60; een langere termijn geldt als niet geschreven. wettekst↗
Dit artikel is algemene informatie, geen juridisch advies. Twijfel je over jouw situatie? Scan je contract gratis — en als het advies moet worden, tekent er een jurist.