Blog ·

Verboden beding in je voorwaarden? Dit gebeurt er juridisch mee

De wettekst — Artikel 6:236 BW

Bij een overeenkomst tussen een gebruiker en een wederpartij, natuurlijk persoon, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf, wordt als onredelijk bezwarend aangemerkt een in de algemene voorwaarden voorkomend beding
a. dat de wederpartij geheel en onvoorwaardelijk het recht ontneemt de door de gebruiker toegezegde prestatie op te eisen;
b. dat de aan de wederpartij toekomende bevoegdheid tot ontbinding, zoals deze in afdeling 5 van titel 5 is geregeld, uitsluit of beperkt;
c. dat een de wederpartij volgens de wet toekomende bevoegdheid tot opschorting van de nakoming uitsluit of beperkt of de gebruiker een verdergaande bevoegdheid tot opschorting verleent dan hem volgens de wet toekomt;
d. dat de beoordeling van de vraag of de gebruiker in de nakoming van een of meer van zijn verbintenissen is te kort geschoten aan hem zelf overlaat, of dat de uitoefening van de rechten die de wederpartij ter zake van een zodanige tekortkoming volgens de wet toekomen, afhankelijk stelt van de voorwaarde dat deze eerst een derde in rechte heeft aangesproken;
e. krachtens hetwelk de wederpartij aan de gebruiker bij voorbaat toestemming verleent zijn uit de overeenkomst voortvloeiende verplichtingen op een der in afdeling 3 van titel 2 bedoelde wijzen op een derde te doen overgaan, tenzij de wederpartij te allen tijde de bevoegdheid heeft de overeenkomst te ontbinden, of de gebruiker jegens de wederpartij aansprakelijk is voor de nakoming door de derde, of de overgang plaatsvindt in verband met de overdracht van een onderneming waartoe zowel die verplichtingen als de daartegenover bedongen rechten behoren;
f. dat voor het geval uit de overeenkomst voor de gebruiker voortvloeiende rechten op een derde overgaan, ertoe strekt bevoegdheden of verweermiddelen die de wederpartij volgens de wet jegens die derde zou kunnen doen gelden, uit te sluiten of te beperken;
g. dat een wettelijke verjarings- of vervaltermijn waarbinnen de wederpartij enig recht moet geldend maken, tot een verjarings- onderscheidenlijk vervaltermijn van minder dan een jaar verkort;
h. dat voor het geval bij de uitvoering van de overeenkomst schade aan een derde wordt toegebracht door de gebruiker of door een persoon of zaak waarvoor deze aansprakelijk is, de wederpartij verplicht deze schade hetzij aan de derde te vergoeden, hetzij in haar verhouding tot de gebruiker voor een groter deel te dragen dan waartoe zij volgens de wet verplicht zou zijn;
i. dat de gebruiker de bevoegdheid geeft de door hem bedongen prijs binnen drie maanden na het sluiten van de overeenkomst te verhogen, tenzij de wederpartij bevoegd is in dat geval de overeenkomst te ontbinden;
j. dat in geval van een overeenkomst tot het geregeld afleveren van zaken, elektriciteit, warmte en koude daaronder begrepen en dag-, nieuws- en weekbladen en tijdschriften niet daaronder begrepen, of tot het geregeld doen van verrichtingen, leidt tot stilzwijgende verlenging of vernieuwing in een overeenkomst voor bepaalde duur, dan wel tot een stilzwijgende voortzetting in een overeenkomst voor onbepaalde duur zonder dat de wederpartij de bevoegdheid heeft om de voortgezette overeenkomst te allen tijde op te zeggen met een opzegtermijn van ten hoogste een maand;
k. dat de bevoegdheid van de wederpartij om bewijs te leveren uitsluit of beperkt, of dat de uit de wet voortvloeiende verdeling van de bewijslast ten nadele van de wederpartij wijzigt, hetzij doordat het een verklaring van haar bevat omtrent de deugdelijkheid van de haar verschuldigde prestatie, hetzij doordat het haar belast met het bewijs dat een tekortkoming van de gebruiker aan hem kan worden toegerekend;
l. dat ten nadele van de wederpartij afwijkt van artikel 37 van Boek 3, tenzij het betrekking heeft op de vorm van door de wederpartij af te leggen verklaringen of bepaalt dat de gebruiker het hem door de wederpartij opgegeven adres als zodanig mag blijven beschouwen totdat hem een nieuw adres is meegedeeld;
m. waarbij een wederpartij die bij het aangaan van de overeenkomst werkelijke woonplaats in een gemeente in Nederland heeft, woonplaats kiest anders dan voor het geval zij te eniger tijd geen bekende werkelijke woonplaats in die gemeente zal hebben, tenzij de overeenkomst betrekking heeft op een registergoed en woonplaats ten kantore van een notaris wordt gekozen;
n. dat voorziet in de beslechting van een geschil door een ander dan de rechter die volgens de wet bevoegd zou zijn, tenzij het de wederpartij een termijn gunt van tenminste een maand nadat de gebruiker zich schriftelijk jegens haar op het beding heeft beroepen, om voor beslechting van het geschil door de volgens de wet bevoegde rechter te kiezen;
o. dat de bevoegdheid van de wederpartij om de overeenkomst, die mondeling, schriftelijk of langs elektronische weg tot stand is gekomen, op een overeenkomstige wijze op te zeggen, uitsluit of beperkt;
p. dat in geval van een overeenkomst tot het geregeld afleveren van dag-, nieuws- en weekbladen en tijdschriften, leidt tot een stilzwijgende verlenging of vernieuwing van de overeenkomst met een duur die langer is dan drie maanden, dan wel tot een stilzwijgende verlenging of vernieuwing van de overeenkomst met een duur van ten hoogste drie maanden zonder dat de wederpartij de bevoegdheid heeft om de overeenkomst telkens tegen het einde van de duur van de verlenging of de vernieuwing op te zeggen met een opzegtermijn van ten hoogste een maand;
q. dat in geval van een overeenkomst tot het geregeld afleveren van dag-, nieuws- en weekbladen en tijdschriften, leidt tot een stilzwijgende voortzetting in een overeenkomst voor onbepaalde duur zonder dat de wederpartij de bevoegdheid heeft om de voortgezette overeenkomst te allen tijde op te zeggen met een opzegtermijn van ten hoogste een maand of, in geval de geregelde aflevering minder dan eenmaal per maand plaats heeft, met een opzegtermijn van ten hoogste drie maanden;
r. dat de wederpartij verplicht de verklaring tot opzegging van een overeenkomst als bedoeld onder j of p respectievelijk q te laten plaatsvinden op een bepaald moment;
s. dat in geval van een overeenkomst met beperkte duur tot het geregeld ter kennismaking afleveren van dag-, nieuws-, weekbladen en tijdschriften leidt tot voortzetting van de overeenkomst;
t. dat de geldigheidsduur van een cadeaubon beperkt tot minder dan twee jaar.

Volledige tekst, uitleg en het passende contractmodel → · geldig vanaf 2026-07-16, bron wetten.overheid.nl

Je hebt een webshop en gebruikt algemene voorwaarden die je jaren geleden hebt opgesteld, of ooit hebt overgenomen van een collega-ondernemer. Een klant klaagt dat een bepaling oneerlijk is, bijvoorbeeld een clausule die jou het recht geeft om eenzijdig de levertijd te verlengen zonder dat de klant mag annuleren. Je vraagt je af: mag dat niet, en wat gebeurt er dan met de rest van je contract?

De wet geeft hier een duidelijk antwoord. Artikel 6:236 BW bevat een lijst met bedingen die je nooit aan consumenten mag opleggen in algemene voorwaarden. Dit is de zogeheten zwarte lijst. Staat een beding op die lijst, dan is het automatisch onredelijk bezwarend. De consument hoeft niet te bewijzen dat hij er concreet nadeel van ondervindt, en de rechter hoeft geen afweging te maken tussen jouw belang en dat van de klant. Het beding is simpelweg verboden, punt uit.

Wat betekent dit voor jouw voorwaarden?

Belangrijk om te weten: staat zo'n beding in je voorwaarden, dan is niet meteen het hele contract ongeldig. De consument kan het specifieke beding vernietigen. De rest van de overeenkomst en de rest van je algemene voorwaarden blijven gewoon in stand. Je raakt dus niet je hele regeling kwijt, alleen het onderdeel dat in strijd is met de wet.

Dat klinkt misschien als een kleine schade, maar in de praktijk kan het vervelend uitpakken. Vertrouw je bijvoorbeeld op een beperking van je aansprakelijkheid die op de zwarte lijst staat, dan val je bij een geschil terug op de gewone wettelijke regels. Die zijn vaak juist in het voordeel van de consument. Je dacht een bepaald risico te hebben afgedekt, maar dat blijkt dus niet zo te zijn.

Alleen bij consumenten

Een ander punt dat ondernemers vaak over het hoofd zien: de zwarte lijst geldt uitsluitend in de relatie tussen een bedrijf en een consument. Sluit je overeenkomsten met andere bedrijven, dan is deze bescherming niet van toepassing. Dat betekent niet dat alles zomaar mag in B2B-voorwaarden, maar de toetsing verloopt dan via een andere, minder strenge route. Gebruik je dezelfde algemene voorwaarden voor zowel particuliere klanten als zakelijke klanten, dan is het dus goed om te beseffen dat een beding dat bij de ene groep geldig is, bij de andere groep alsnog kan sneuvelen.

Voor mkb-ondernemers die zowel aan consumenten als aan bedrijven verkopen, is het daarom verstandig om na te denken over gescheiden sets voorwaarden, of in ieder geval een duidelijke bepaling die aangeeft welke regels wanneer gelden.

Aandachtspunten

  • Een beding dat op de zwarte lijst staat, is niet onderhandelbaar: het is sowieso verboden, ongeacht hoe redelijk het in jouw ogen is.
  • Vernietiging raakt alleen het betreffende beding, niet automatisch je hele algemene voorwaarden of de overeenkomst zelf.
  • Gebruik je dezelfde voorwaarden voor consumenten en bedrijven, controleer dan apart of bedingen bij beide groepen overeind blijven.

Direct zelf regelen?

Stel het bijpassende model op met Lexparaat. Je eerste document is gratis, daarna €5 per document; een juristcontrole €99.

Bronnen

art. 6:236 BW — Zwarte lijst (consumenten). Zwarte lijst: bedingen die tegenover consumenten altijd onredelijk bezwarend zijn. Geldt niet tussen bedrijven. wettekst↗ · rechtspraak↗

Dit artikel is algemene informatie, geen juridisch advies. Twijfel je over jouw situatie? Scan je contract gratis — en als het advies moet worden, tekent er een jurist.

Zie zelf wat er in je contract staat

Plak een contract, en Lexparaat leest eruit welke termijnen en risico's het bevat — elk met het letterlijke citaat erbij. Gratis, geen account nodig.

Scan een contract