Contract maken

Beoordelings-/gesprekscyclusreglement — voorbeeld & model

Opzet van functionerings- en beoordelingsgesprekken met criteria en gevolgen. Dit document wordt opgebouwd uit modelclausules. De software controleert de ingevoerde gegevens op de ingestelde regels; controleer zelf of het contract bij jouw situatie past. Wat je invult wordt nergens opgeslagen — tot je het volledige document bestelt.

Status: AI-opgezet model — laat een jurist het document beoordelen. Laat vóór ondertekening altijd een jurist meekijken.

Voorbeeldgegevens om te zien hoe het contract eruitziet — overschrijf ze met je eigen gegevens.
Eerste contract gratis€5per document€29bundel rond deze stap€99jurist controleert en tekent
Dit model valt onder Arbeid & personeel — 141 modellen in deze rubriek.Bekijk de rubriek →
Volledige gegevens van werkgever (bedrijfsnaam) — aanbevolen

Niet van toepassing? Vul "n.v.t." in.

De invoercontroles signaleren bepaalde fouten en ontbrekende gegevens. Een geslaagde controle is geen juridische goedkeuring en bewijst niet dat vereiste uitvoeringshandelingen zijn verricht.

Zo ziet een beoordelings-/gesprekscyclusreglement eruit

Een voorbeeld met fictieve gegevens — jouw versie vul je zelf in.

Werkingssfeer

Dit reglement geldt voor alle werknemers in dienst van Voorbeeld B.V., gevestigd te Vught, en treedt in werking op 1 september 2026. Het reglement beschrijft de opzet, de uitvoering en de gevolgen van de gesprekscyclus. Waar in dit reglement wordt gesproken van 'de leidinggevende' wordt bedoeld degene die namens Voorbeeld B.V. de gesprekken voert; waar wordt gesproken van 'de werknemer' geldt dit reglement onverkort ook voor werknemers met een tijdelijk contract.

Gegevens van partijen

Werkgever (bedrijfsnaam): Voorbeeld B.V., Vught.

Artikel 1 · Doel en uitgangspunten

Doel van de gesprekscyclus is het functioneren, de ontwikkeling, de inzetbaarheid en de doelstellingen van de werknemer periodiek te bespreken, te evalueren en waar nodig bij te sturen. Uitgangspunt is een open dialoog tussen werknemer en leidinggevende, waarin beide partijen ruimte hebben voor inbreng. Voorbeeld B.V. handelt daarbij als goed werkgever en houdt rekening met de gerechtvaardigde belangen van de werknemer.

Artikel 2 · Frequentie en opzet van de cyclus

De gesprekken vinden plaats volgens de frequentie: Eén keer per jaar. De cyclus omvat een functioneringsgesprek, dat het karakter heeft van een dialoog over de voortgang en de ontwikkeling, en een beoordelingsgesprek, waarin de leidinggevende het functioneren waardeert.

Artikel 3 · Doelstellingen

Aan het begin van iedere cyclus leggen werknemer en leidinggevende gezamenlijk concrete, haalbare en meetbare doelstellingen en ontwikkelafspraken vast. Deze afspraken vormen het referentiekader voor de latere beoordeling. Wijzigen de omstandigheden gedurende de periode wezenlijk, dan worden de doelstellingen in overleg bijgesteld.

Artikel 4 · Beoordelingscriteria

De beoordeling vindt plaats aan de hand van vooraf aan de werknemer kenbaar gemaakte functie-, resultaat- en competentiecriteria, waaronder de kwaliteit en kwantiteit van het werk, de samenwerking, de zelfstandigheid en de naleving van afspraken. De beoordeling wordt uitgedrukt op een Driepuntsschaal (onvoldoende / voldoende / goed). De criteria en de betekenis van de scores worden zo objectief mogelijk toegepast en zijn voor de werknemer op te vragen.

Dit is het begin van het model. Vul je eigen gegevens in voor het complete, kant-en-klare document.

Wat staat er in een beoordelings-/gesprekscyclusreglement?

Een beoordelings-/gesprekscyclusreglement van Lexparaat is geen invul-voorbeeld maar een opgebouwd document: elke clausule komt uit een gecureerde set, waar relevant met het wetsartikel erbij.

  • Werkingssfeer
  • Artikel 1 · Doel en uitgangspunten
    ⚖ art. 7:611 BW

    De werkgever en de werknemer zijn verplicht zich als een goed werkgever en een goed werknemer te gedragen.

    Artikel 7:611 BW — uitleg en de modellen die erop rusten →

    Bron: wetten.overheid.nl — Burgerlijk Wetboek Boek 7 (BWBR0005290), toestand geldig vanaf 2026-07-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.

  • Artikel 2 · Frequentie en opzet van de cyclus
  • Artikel 3 · Doelstellingen (indien van toepassing)
  • Artikel 4 · Beoordelingscriteria
  • Artikel 5 · Gespreksverslag
  • Artikel 6 · Gevolgen van de beoordeling
  • Artikel 7 · Verbetertraject bij onvoldoende functioneren (indien van toepassing)
    ⚖ art. 7:669 lid 3 sub d BW

    1. De werkgever kan de arbeidsovereenkomst opzeggen indien daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn, al dan niet met behulp van scholing, in een andere passende functie niet mogelijk is of niet in de rede ligt. Herplaatsing ligt in ieder geval niet in de rede indien sprake is van verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer als bedoeld in lid 3, onderdeel e.

    2. Herplaatsing, bedoeld in lid 1, is niet vereist, indien de werknemer een geestelijk ambt bekleedt.

    3. Onder een redelijke grond als bedoeld in lid 1 wordt verstaan:
    a. het vervallen van arbeidsplaatsen als gevolg van de beëindiging van de werkzaamheden van de onderneming of het, over een toekomstige periode van ten minste 26 weken bezien, noodzakelijkerwijs vervallen van arbeidsplaatsen als gevolg van het wegens bedrijfseconomische omstandigheden treffen van maatregelen voor een doelmatige bedrijfsvoering;
    b. ziekte of gebreken van de werknemer waardoor hij niet meer in staat is de bedongen arbeid te verrichten, mits de periode, bedoeld in artikel 670, leden 1 en 11, is verstreken en aannemelijk is dat binnen 26 weken, of bij een werknemer die de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft bereikt, 6 weken, geen herstel zal optreden en dat binnen die periode de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht;
    c. het bij regelmaat niet kunnen verrichten van de bedongen arbeid als gevolg van ziekte of gebreken van de werknemer met voor de bedrijfsvoering onaanvaardbare gevolgen, mits het bij regelmaat niet kunnen verrichten van de bedongen arbeid niet het gevolg is van onvoldoende zorg van de werkgever voor de arbeidsomstandigheden van de werknemer en aannemelijk is dat binnen 26 weken, of bij een werknemer die de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft bereikt, 6 weken, geen herstel zal optreden en dat binnen die periode de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht;
    d. de ongeschiktheid van de werknemer tot het verrichten van de bedongen arbeid, anders dan ten gevolge van ziekte of gebreken van de werknemer, mits de werkgever de werknemer hiervan tijdig in kennis heeft gesteld en hem in voldoende mate in de gelegenheid heeft gesteld zijn functioneren te verbeteren en de ongeschiktheid niet het gevolg is van onvoldoende zorg van de werkgever voor scholing van de werknemer of voor de arbeidsomstandigheden van de werknemer;
    e. verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren;
    f. het weigeren van de werknemer de bedongen arbeid te verrichten wegens een ernstig gewetensbezwaar, mits aannemelijk is dat de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht;
    g. een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren;
    h. andere dan de hiervoor genoemde omstandigheden die zodanig zijn dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren;
    i. een combinatie van omstandigheden genoemd in twee of meer van de gronden, bedoeld in de onderdelen c tot en met e, g en h, die zodanig is dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.

    4. Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen, kan de werkgever de arbeidsovereenkomst, die is ingegaan voor het bereiken van een tussen partijen overeengekomen leeftijd waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, of, indien geen andere leeftijd is overeengekomen, de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd, eveneens opzeggen in verband met of na het bereiken van de tussen partijen overeengekomen leeftijd waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, of, indien geen andere leeftijd is overeengekomen, de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd.

    5. Bij regeling van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden:
    a. nadere regels gesteld met betrekking tot een redelijke grond voor opzegging, de herplaatsing van de werknemer en de redelijke termijn, bedoeld in lid 1, waarbij onderscheid kan worden gemaakt naar categorieën van werknemers;
    b. regels gesteld voor het bepalen van de volgorde van opzegging bij het vervallen van arbeidsplaatsen, bedoeld in lid 3, onderdeel a.

    6. De regels, bedoeld in lid 5, onderdeel b, zijn niet van toepassing indien bij collectieve arbeidsovereenkomst of regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan, andere regels worden gesteld voor het bepalen van de volgorde van opzegging bij het vervallen van arbeidsplaatsen, bedoeld in lid 3, onderdeel a, en een onafhankelijke commissie als bedoeld in artikel 671a, lid 2, wordt aangewezen.

    7. Dit artikel is niet van toepassing op een opzegging tijdens de proeftijd.

    Artikel 7:669 BW — uitleg en de modellen die erop rusten →

    Bron: wetten.overheid.nl — Burgerlijk Wetboek Boek 7 (BWBR0005290), toestand geldig vanaf 2026-07-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.

  • Artikel 8 · Bezwaar
  • Artikel 9 · Privacy en verwerking van persoonsgegevens ⚖ art. 5 AVG
  • Artikel 10 · Instemming ondernemingsraad (indien van toepassing)
    ⚖ art. 27 lid 1 sub e WOR

    1. De ondernemer behoeft de instemming van de ondernemingsraad voor elk door hem voorgenomen besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van:
    a. regelingen op grond van een pensioenovereenkomst, een winstdelingsregeling of een spaarregeling;
    b. een arbeids- en rusttijdenregeling of een vakantieregeling;
    c. een belonings- of een functiewaarderingssysteem;
    d. een regeling op het gebied van de arbeidsomstandigheden, het ziekteverzuim of het reintegratiebeleid;
    e. een regeling op het gebied van het aanstellings-, ontslag- of bevorderingsbeleid;
    f. een regeling op het gebied van de personeelsopleiding;
    g. een regeling op het gebied van de personeelsbeoordeling;
    h. een regeling op het gebied van het bedrijfsmaatschappelijk werk;
    i. een regeling op het gebied van het werkoverleg;
    j. een regeling op het gebied van de behandeling van klachten;
    k. een regeling omtrent het verwerken van alsmede de bescherming van de persoonsgegevens van de in de onderneming werkzame personen;
    l. een regeling inzake voorzieningen die gericht zijn op of geschikt zijn voor waarneming van of controle op aanwezigheid, gedrag of prestaties van de in de onderneming werkzame personen;
    m. een procedure voor het omgaan met het melden van een vermoeden van een misstand, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet bescherming klokkenluiders;
    een en ander voor zover betrekking hebbende op alle of een groep van de in de onderneming werkzame personen.

    2. De ondernemer legt het te nemen besluit schriftelijk aan de ondernemingsraad voor. Hij verstrekt daarbij een overzicht van de beweegredenen voor het besluit, alsmede van de gevolgen die het besluit naar te verwachten valt voor de in de onderneming werkzame personen zal hebben. De ondernemingsraad beslist niet dan nadat over de betrokken aangelegenheid ten minste éénmaal overleg is gepleegd in een overlegvergadering. Na het overleg deelt de ondernemingsraad zo spoedig mogelijk schriftelijk en met redenen omkleed zijn beslissing aan de ondernemer mee. Na de beslissing van de ondernemingsraad deelt de ondernemer zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de ondernemingsraad mee welk besluit hij heeft genomen en met ingang van welke datum hij dat besluit zal uitvoeren.

    3. De in het eerste lid bedoelde instemming is niet vereist, voor zover de betrokken aangelegenheid voor de onderneming reeds inhoudelijk is geregeld in een collectieve arbeidsovereenkomst of een regeling van arbeidsvoorwaarden vastgesteld door een publiekrechtelijk orgaan. Instemming is eveneens niet vereist voor zover ter zake van een aangelegenheid als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, sprake is van verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet.

    4. Heeft de ondernemer voor het voorgenomen besluit geen instemming van de ondernemingsraad verkregen, dan kan hij de kantonrechter toestemming vragen om het besluit te nemen. De kantonrechter geeft slechts toestemming, indien de beslissing van de ondernemingsraad om geen instemming te geven onredelijk is, of het voorgenomen besluit van de ondernemer gevergd wordt door zwaarwegende bedrijfsorganisatorische, bedrijfseconomische of bedrijfssociale redenen.

    5. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, genomen zonder de instemming van de ondernemingsraad of de toestemming van de kantonrechter, is nietig, indien de ondernemingsraad tegenover de ondernemer schriftelijk een beroep op de nietigheid heeft gedaan. De ondernemingsraad kan slechts een beroep op de nietigheid doen binnen een maand nadat hetzij de ondernemer hem zijn besluit overeenkomstig de laatste volzin van het tweede lid heeft meegedeeld, hetzij - bij gebreke van deze mededeling - de ondernemingsraad is gebleken dat de ondernemer uitvoering of toepassing geeft aan zijn besluit.

    6. De ondernemingsraad kan de kantonrechter verzoeken de ondernemer te verplichten zich te onthouden van handelingen die strekken tot uitvoering of toepassing van een nietig besluit als bedoeld in het vijfde lid. De ondernemer kan de kantonrechter verzoeken te verklaren dat de ondernemingsraad ten onrechte een beroep heeft gedaan op nietigheid als bedoeld in het vijfde lid.

    7. Onder regelingen op grond van een pensioenovereenkomst als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden mede verstaan regelingen opgenomen in een uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet of een uitvoeringsreglement als bedoeld in onderdeel b van de definitie van uitvoeringsreglement in artikel 1 van de Pensioenwet, die van invloed zijn op de pensioenovereenkomst waaronder in ieder geval worden begrepen: regelingen over de wijze waarop de verschuldigde premie wordt vastgesteld, de maatstaven voor en de voorwaarden waaronder toeslagverlening plaatsvindt en de keuze voor onderbrenging bij een bepaalde pensioenuitvoerder, pensioeninstelling uit een andere lidstaat of verzekeraar met zetel buiten Nederland als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de Pensioenwet.

    Artikel 27 Wet op de ondernemingsraden — uitleg en de modellen die erop rusten →

    Bron: wetten.overheid.nl — Wet op de ondernemingsraden (BWBR0002747), toestand geldig vanaf 2023-02-18, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.

  • Artikel 11 · Contactpersoon (indien van toepassing)
  • Artikel 12 · Wijziging van het reglement
  • Artikel 13 · Toepasselijk recht

Veelgestelde vragen over een beoordelings-/gesprekscyclusreglement

Waarvoor gebruik je een beoordelings-/gesprekscyclusreglement?

Opzet van functionerings- en beoordelingsgesprekken met criteria en gevolgen.

Wat kost een beoordelings-/gesprekscyclusreglement?

Je eerste document is gratis. Daarna kost een document €5, of €29 voor alle modellen uit dezelfde bundel. Invullen en bekijken kost je niets. Wil je dat een jurist het controleert en meetekent, dan kost dat €99.

Is dit een statisch voorbeeld of een echt document?

Geen voorbeeld-PDF: je vult de velden in en de software bouwt het document op uit gecureerde clausules en voert de ingestelde invoercontroles uit. Controleer of het document bij jouw situatie past.

Is dit model juridisch getoetst?

De clausuleset is een werkversie; de juridische toets door mr. Yves Houben volgt. De software voert de ingestelde invoercontroles uit. Een geslaagde controle is geen juridische goedkeuring.

Wat heb ik nodig om dit model in te vullen?

Niet meer dan de basisgegevens: werkgever, vestigingsplaats, datum inwerkingtreding reglement, frequentie beoordelingscyclus, beoordelingsschaal, welke gesprekken kent de cyclus?. Twijfel je ergens over, dan laat je het veld staan en kijkt de jurist mee.

Andere modellen

Meer over dit onderwerp

Wat de wet hierover zegt, uitgelegd aan de hand van de artikelen waar dit model op steunt.

Zie zelf wat er in je contract staat

Plak een contract, en Lexparaat leest eruit welke termijnen en risico's het bevat — elk met het letterlijke citaat erbij. Gratis, geen account nodig.

Scan een contract