Beroepspraktijkvormingsovereenkomst (BPV) — voorbeeld & model
Praktijkovereenkomst tussen mbo-student, school en leerbedrijf voor stage of praktijkleren. Dit document wordt opgebouwd uit modelclausules. De software controleert de ingevoerde gegevens op de ingestelde regels; controleer zelf of het contract bij jouw situatie past. Wat je invult wordt nergens opgeslagen — tot je het volledige document bestelt.
Status: AI-opgezet model — laat een jurist het document beoordelen. Laat vóór ondertekening altijd een jurist meekijken.
Zo ziet een beroepspraktijkvormingsovereenkomst (bpv) eruit
Een voorbeeld met fictieve gegevens — jouw versie vul je zelf in.
Partijen
ROC Voorbeeld, gevestigd te Utrecht (de “Onderwijsinstelling”), Praktijkbedrijf B.V., gevestigd te Amersfoort (het “Leerbedrijf”), en J. de Vries, wonende te Nieuwegein (de “Student”), sluiten deze beroepspraktijkvormingsovereenkomst (BPV-overeenkomst) voor de opleiding Manager Handel, crebo 25158 in de leerweg BOL (beroepsopleidende leerweg).
Gegevens van partijen
Onderwijsinstelling (mbo-school): ROC Voorbeeld, Utrecht. Leerbedrijf (erkend praktijkleerbedrijf): Praktijkbedrijf B.V., Amersfoort. Student (naam): J. de Vries, Nieuwegein.
Artikel 1 · Doel en grondslag
Deze overeenkomst regelt de beroepspraktijkvorming (BPV) die een verplicht onderdeel vormt van de opleiding Manager Handel, crebo 25158. De BPV stelt de Student in staat de vereiste competenties en kerntaken van het kwalificatiedossier in de praktijk te ontwikkelen. De overeenkomst is gebaseerd op de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) en op de door de Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) verstrekte erkenning van het Leerbedrijf.
Artikel 2 · Duur en omvang
De beroepspraktijkvorming loopt van 1 september 2026 tot 1 september 2027 en vindt plaats bij het Leerbedrijf. De omvang bedraagt gemiddeld 32 uur per week, in te delen in overleg tussen het Leerbedrijf en de Student en met inachtneming van de Arbeidstijdenwet. De BPV eindigt van rechtswege op de einddatum, tenzij partijen schriftelijk verlenging overeenkomen.
Artikel 3 · Leerdoelen en werkzaamheden
De Student voert praktijkopdrachten uit die aansluiten bij de kerntaken en werkprocessen van de opleiding. De werkzaamheden en leerdoelen zijn: Klantcontact, voorraadbeheer, verkoopadministratie en het uitvoeren van praktijkopdrachten uit het opleidingsplan. De concrete invulling wordt vastgelegd in het praktijkleerplan dat door de Onderwijsinstelling, het Leerbedrijf en de Student wordt afgestemd en dat als leidraad voor de begeleiding en beoordeling geldt.
Dit is het begin van het model. Vul je eigen gegevens in voor het complete, kant-en-klare document.
Wat staat er in een beroepspraktijkvormingsovereenkomst (bpv)?
Een beroepspraktijkvormingsovereenkomst (bpv) van Lexparaat is geen invul-voorbeeld maar een opgebouwd document: elke clausule komt uit een gecureerde set, waar relevant met het wetsartikel erbij.
- Partijen
- Artikel 1 · Doel en grondslag
⚖ art. 7.2.8 WEB
1. Van elke beroepsopleiding maakt onderricht in de praktijk van het beroep deel uit. De beroepspraktijkvorming kan voor een deel plaatsvinden in de periode waarin de student is ingeschreven voor een opleidingsdomein of een kwalificatiedossier of tijdens het onderwijsprogramma op basis van een of meer keuzedelen.
2. De beroepspraktijkvorming wordt verzorgd op grondslag van een overeenkomst, gesloten door de in artikel 7.2.9 genoemde partijen. De overeenkomst regelt de rechten en verplichtingen van partijen en omvat met inachtneming van het dienaangaande bij of krachtens deze wet bepaalde, ten minste bepalingen over:
a. de aanvangsdatum en einddatum van de beroepspraktijkvorming, alsmede het totale aantal te volgen praktijkuren en de verdeling daarvan over de studiejaren,
b. de begeleiding van de student,
c. het deel van de kwalificatie dan wel het keuzedeel, de keuzedelen of het deel daarvan dat de beroepspraktijkvorming omvat alsmede de wijze van beoordeling van de beroepspraktijkvorming, en
d. de gevallen waarin en de wijze waarop de overeenkomst voortijdig kan worden ontbonden.3. Het bedrijf dat of de organisatie die de beroepspraktijkvorming verzorgt, draagt zorg voor de begeleiding van de studenten binnen het bedrijf. Het bevoegd gezag beoordeelt of de student de beroepspraktijkvorming met een positieve beoordeling heeft voltooid. Het bevoegd gezag betrekt bij die beoordeling het oordeel van het bedrijf onderscheidenlijk de organisatie, met inachtneming van de desbetreffende in de onderwijs- en examenregeling op te nemen regels.
4. De beroepspraktijkvorming vindt plaats bij een bedrijf of organisatie met een erkenning op grond van artikel 5.2.3.
Artikel 7.2.8 Wet educatie en beroepsonderwijs — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Wet educatie en beroepsonderwijs (BWBR0007625), toestand geldig vanaf 2026-08-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 2 · Duur en omvang
- Artikel 3 · Leerdoelen en werkzaamheden
- Artikel 4 · Begeleiding
⚖ art. 7.2.9 WEB
1. Het bevoegd gezag van de instelling draagt zorg voor de beschikbaarheid van de praktijkplaats en de totstandkoming van de in artikel 7.2.8 bedoelde overeenkomst. De overeenkomst wordt gesloten door de instelling, de student en het bedrijf dat of de organisatie die de beroepspraktijkvorming verzorgt.
2. Indien het bevoegd gezag en de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven na het sluiten van de in artikel 7.2.8 bedoelde overeenkomst vaststellen dat de praktijkplaats niet of niet volledig beschikbaar is, de begeleiding tekortschiet of ontbreekt, het bedrijf of de organisatie niet langer beschikt over een gunstige beoordeling als bedoeld in artikel 5.2.3, of sprake is van andere omstandigheden die maken dat de beroepspraktijkvorming niet naar behoren zal kunnen plaatsvinden, bevordert het bevoegd gezag, na overleg met het bestuur van de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven, dat een toereikende vervangende voorziening beschikbaar wordt gesteld.
Artikel 7.2.9 Wet educatie en beroepsonderwijs — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Wet educatie en beroepsonderwijs (BWBR0007625), toestand geldig vanaf 2026-08-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 5 · Rechtspositie en praktijkvergoeding
- Artikel 6 · Praktijkvergoeding (indien van toepassing)
- Artikel 6a · Kwalificatie, loon en fiscale verplichtingen
⚖ art. 7:610 BW
1. De arbeidsovereenkomst is de overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten.
2. Indien een overeenkomst zowel aan de omschrijving van lid 1 voldoet als aan die van een andere door de wet geregelde bijzondere soort van overeenkomst, zijn de bepalingen van deze titel en de voor de andere soort van overeenkomst gegeven bepalingen naast elkaar van toepassing. In geval van strijd zijn de bepalingen van deze titel van toepassing.
Artikel 7:610 BW — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Burgerlijk Wetboek Boek 7 (BWBR0005290), toestand geldig vanaf 2026-07-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 7 · Werktijden, verlof en verzuim
- Artikel 8 · Veiligheid en arbeidsomstandigheden
⚖ art. 3 Arbowet
1. De werkgever zorgt voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers inzake alle met de arbeid verbonden aspecten en voert daartoe een beleid dat is gericht op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden, waarbij hij, gelet op de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening, het volgende in acht neemt:
a. tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd organiseert de werkgever de arbeid zodanig dat daarvan geen nadelige invloed uitgaat op de veiligheid en de gezondheid van de werknemer;
b. tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd worden de gevaren en risico's voor de veiligheid of de gezondheid van de werknemer zoveel mogelijk in eerste aanleg bij de bron daarvan voorkomen of beperkt; naar de mate waarin dergelijke gevaren en risico's niet bij de bron kunnen worden voorkomen of beperkt, worden daartoe andere doeltreffende maatregelen getroffen waarbij maatregelen gericht op collectieve bescherming voorrang hebben boven maatregelen gericht op individuele bescherming; slechts indien redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat maatregelen worden getroffen die zijn gericht op individuele bescherming, worden doeltreffende en passende persoonlijke beschermingsmiddelen aan de werknemer ter beschikking gesteld;
c. de inrichting van de arbeidsplaatsen, de werkmethoden en de bij de arbeid gebruikte arbeidsmiddelen alsmede de arbeidsinhoud worden zoveel als redelijkerwijs kan worden gevergd aan de persoonlijke eigenschappen van werknemers aangepast;
d. monotone en tempogebonden arbeid wordt, zoveel als redelijkerwijs kan worden gevergd, vermeden dan wel, indien dat niet mogelijk is, beperkt;
e. doeltreffende maatregelen worden getroffen op het gebied van de eerste hulp bij ongevallen, de brandbestrijding en de evacuatie van werknemers en andere aanwezige personen, en doeltreffende verbindingen worden onderhouden met de desbetreffende externe hulpverleningsorganisaties;
f. elke werknemer moet bij ernstig en onmiddellijk gevaar voor zijn eigen veiligheid of die van anderen, rekening houdend met zijn technische kennis en middelen, de nodige passende maatregelen kunnen nemen om de gevolgen van een dergelijk gevaar te voorkomen, waarbij artikel 29, eerste lid, derde zin, van overeenkomstige toepassing is.2. De werkgever voert, binnen het algemeen arbeidsomstandighedenbeleid, een beleid gericht op voorkoming en indien dat niet mogelijk is beperking van psychosociale arbeidsbelasting.
3. Ter uitvoering van het eerste lid draagt de werkgever zorg voor een goede verdeling van bevoegdheden en verantwoordelijkheden tussen de bij de werkgever werkzame personen, waarbij hij rekening houdt met de bekwaamheden van de werknemers.
4. De werkgever toetst het arbeidsomstandighedenbeleid regelmatig aan de ervaringen die daarmee zijn opgedaan en past de maatregelen aan zo dikwijls als de daarmee opgedane ervaring daartoe aanleiding geeft.
Artikel 3 Arbeidsomstandighedenwet — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Arbeidsomstandighedenwet (BWBR0010346), toestand geldig vanaf 2026-07-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 9 · Verzekering en aansprakelijkheid
⚖ art. 7:658 BW
1. De werkgever is verplicht de lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmee hij de arbeid doet verrichten, op zodanige wijze in te richten en te onderhouden alsmede voor het verrichten van de arbeid zodanige maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt.
2. De werkgever is jegens de werknemer aansprakelijk voor de schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij hij aantoont dat hij de in lid 1 genoemde verplichtingen is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.
3. Van de leden 1 en 2 en van hetgeen titel 3 van Boek 6, bepaalt over de aansprakelijkheid van de werkgever kan niet ten nadele van de werknemer worden afgeweken.
4. Hij die in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf arbeid laat verrichten door een persoon met wie hij geen arbeidsovereenkomst heeft, is overeenkomstig de leden 1 tot en met 3 aansprakelijk voor de schade die deze persoon in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt. De kantonrechter is bevoegd kennis te nemen van vorderingen op grond van de eerste zin van dit lid.
Artikel 7:658 BW — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Burgerlijk Wetboek Boek 7 (BWBR0005290), toestand geldig vanaf 2026-07-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 10 · Geheimhouding
- Artikel 10a · Intellectuele eigendom
⚖ art. 7 Auteurswet
Indien de arbeid, in dienst van een ander verricht, bestaat in het vervaardigen van bepaalde werken van letterkunde, wetenschap of kunst, dan wordt, tenzij tusschen partijen anders is overeengekomen, als de maker van die werken aangemerkt degene, in wiens dienst de werken zijn vervaardigd.
Artikel 7 Auteurswet — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Auteurswet (BWBR0001886), toestand geldig vanaf 2026-01-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 11 · Persoonsgegevens (AVG) ⚖ art. 5 AVG
- Artikel 11a · Verwerking ten behoeve van de andere partij (kern artikel 28 AVG) ⚖ art. 28 AVG
- Artikel 12 · Beoordeling en voortgang
- Artikel 13 · Tussentijdse beëindiging
- Artikel 14 · Wijzigingen
- Artikel 14a · Ondertekening vóór aanvang
⚖ art. 7.2.8 WEB
1. Van elke beroepsopleiding maakt onderricht in de praktijk van het beroep deel uit. De beroepspraktijkvorming kan voor een deel plaatsvinden in de periode waarin de student is ingeschreven voor een opleidingsdomein of een kwalificatiedossier of tijdens het onderwijsprogramma op basis van een of meer keuzedelen.
2. De beroepspraktijkvorming wordt verzorgd op grondslag van een overeenkomst, gesloten door de in artikel 7.2.9 genoemde partijen. De overeenkomst regelt de rechten en verplichtingen van partijen en omvat met inachtneming van het dienaangaande bij of krachtens deze wet bepaalde, ten minste bepalingen over:
a. de aanvangsdatum en einddatum van de beroepspraktijkvorming, alsmede het totale aantal te volgen praktijkuren en de verdeling daarvan over de studiejaren,
b. de begeleiding van de student,
c. het deel van de kwalificatie dan wel het keuzedeel, de keuzedelen of het deel daarvan dat de beroepspraktijkvorming omvat alsmede de wijze van beoordeling van de beroepspraktijkvorming, en
d. de gevallen waarin en de wijze waarop de overeenkomst voortijdig kan worden ontbonden.3. Het bedrijf dat of de organisatie die de beroepspraktijkvorming verzorgt, draagt zorg voor de begeleiding van de studenten binnen het bedrijf. Het bevoegd gezag beoordeelt of de student de beroepspraktijkvorming met een positieve beoordeling heeft voltooid. Het bevoegd gezag betrekt bij die beoordeling het oordeel van het bedrijf onderscheidenlijk de organisatie, met inachtneming van de desbetreffende in de onderwijs- en examenregeling op te nemen regels.
4. De beroepspraktijkvorming vindt plaats bij een bedrijf of organisatie met een erkenning op grond van artikel 5.2.3.
Artikel 7.2.8 Wet educatie en beroepsonderwijs — uitleg en de modellen die erop rusten →
Bron: wetten.overheid.nl — Wet educatie en beroepsonderwijs (BWBR0007625), toestand geldig vanaf 2026-08-01, opgehaald 10-09-2026 uit de BWB-repository van de overheid. Wetteksten zijn vrij van auteursrecht (art. 11 Auteurswet); de uitleg en de contractmodellen zijn van Lexparaat.
- Artikel 15 · Toepasselijk recht ⚖ WEB
Wat de software voor je bewaakt
- Datums worden op volgorde gecontroleerd — een einddatum vóór de begindatum komt er niet doorheen.
Termijnen die de wachter bewaakt
Dit model levert zijn termijnen mee (scholing · evaluatie · melding) — controleer bij ingebruikname welke datums daadwerkelijk in de bewaking zijn opgenomen. Gebeurtenissen zonder bekende datum, zoals een latere executie of fiscale melding, vragen afzonderlijke opvolging.
Veelgestelde vragen over een beroepspraktijkvormingsovereenkomst (bpv)
Waarvoor gebruik je een beroepspraktijkvormingsovereenkomst (bpv)?
Praktijkovereenkomst tussen mbo-student, school en leerbedrijf voor stage of praktijkleren.
Wat kost een beroepspraktijkvormingsovereenkomst (BPV)?
Je eerste document is gratis. Daarna kost een document €5, of €29 voor alle modellen uit dezelfde bundel. Invullen en bekijken kost je niets. Wil je dat een jurist het controleert en meetekent, dan kost dat €99.
Is dit een statisch voorbeeld of een echt document?
Geen voorbeeld-PDF: je vult de velden in en de software bouwt het document op uit gecureerde clausules en voert de ingestelde invoercontroles uit. Controleer of het document bij jouw situatie past.
Is dit model juridisch getoetst?
De clausuleset is een werkversie; de juridische toets door mr. Yves Houben volgt. De software voert de ingestelde invoercontroles uit. Een geslaagde controle is geen juridische goedkeuring.
Bewaakt Lexparaat ook de termijnen uit dit contract?
Dit model bevat termijngegevens (scholing, evaluatie, melding). Controleer bij ingebruikname welke datums daadwerkelijk in de bewaking zijn opgenomen. Houd termijnen die afhangen van latere gebeurtenissen afzonderlijk bij.
Wat heb ik nodig om dit model in te vullen?
Niet meer dan de basisgegevens: onderwijsinstelling, vestigingsplaats onderwijsinstelling, bpv-begeleider vanuit de school, leerbedrijf, vestigingsplaats leerbedrijf, student. Twijfel je ergens over, dan laat je het veld staan en kijkt de jurist mee.
Andere modellen
Ontslag op staande voet
Onmiddellijk ontslag wegens een dringende reden met directe schriftelijke bevestiging.
Arbeidsovereenkomst
Voor het in dienst nemen van een medewerker — bepaalde of onbepaalde tijd, met proeftijd, vakantie en aanzegtermijn langs de wettelijke grenzen.
Concurrentiebeding
Verbiedt de werknemer na uitdiensttreding tijdelijk soortgelijk werk of concurrentie.
Meer over dit onderwerp
Wat de wet hierover zegt, uitgelegd aan de hand van de artikelen waar dit model op steunt.