Blog ·

Proeftijd in het arbeidscontract: wat mag wel en wat niet?

De wettekst — Artikel 7:652 BW

1. Indien partijen een proeftijd overeenkomen, is deze voor beide partijen gelijk.

2. De proeftijd wordt schriftelijk overeengekomen.

3. Bij het aangaan van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd kan een proeftijd worden overeengekomen van ten hoogste twee maanden.

4. Bij het aangaan van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan een proeftijd worden overeengekomen van ten hoogste:
a. een maand, indien de overeenkomst is aangegaan voor langer dan zes maanden maar korter dan twee jaren;
b. twee maanden, indien de overeenkomst is aangegaan voor twee jaren of langer.

5. Indien het einde van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet op een kalenderdatum is gesteld, kan een proeftijd worden overeengekomen van ten hoogste een maand.

6. Er kan geen proeftijd worden overeengekomen indien de arbeidsovereenkomst:
a. is aangegaan voor ten hoogste zes maanden;
b. een opvolgende arbeidsovereenkomst betreft tussen een werknemer en dezelfde werkgever, tenzij die overeenkomst duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden van de werknemer eist dan de vorige arbeidsovereenkomst; of
c. een opvolgende arbeidsovereenkomst betreft tussen een werknemer en een andere werkgever die ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijze geacht moet worden de opvolger van de vorige werkgever te zijn.

7. Van de leden 4, onderdeel a, en 5, kan slechts bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan worden afgeweken ten nadele van de werknemer.

8. Elk beding in strijd met dit artikel is nietig.

Volledige tekst, uitleg en het passende contractmodel → · geldig vanaf 2026-07-01, bron wetten.overheid.nl

Je hebt eindelijk iemand gevonden voor die vacature. Je biedt een jaarcontract aan met twee maanden proeftijd, want je wil zeker weten of het klikt. Na zes weken blijkt de nieuwe medewerker toch niet te passen bij het team. Je zegt op met een beroep op de proeftijd — en een paar dagen later krijg je een brief van een jurist: de proeftijd was ongeldig, het contract loopt nog, en er wordt loon geëist tot het einde van het jaar. Vervelend, en helaas komt dit vaak voor.

Wat regelt artikel 7:652 BW?

Artikel 7:652 BW gaat over de proeftijd: de periode aan het begin van een arbeidsovereenkomst waarin jij én de werknemer per direct kunnen opzeggen, zonder opzegtermijn en zonder ontslagreden. Juist omdat die bevoegdheid zo ver gaat, zijn de regels streng en formeel. Wijk je op één punt af, dan verlies je de hele bescherming.

De basisvoorwaarden:

  • De proeftijd moet schriftelijk zijn afgesproken. Een mondelinge afspraak of een opmerking in het sollicitatiegesprek is niet genoeg.
  • De afspraak moet uiterlijk bij aanvang van de arbeidsovereenkomst er zijn. Een week na de eerste werkdag alsnog een proeftijd toevoegen werkt niet.
  • De proeftijd moet voor beide partijen even lang zijn. Twee maanden voor jou en één maand voor de werknemer mag niet.

Hoe lang mag de proeftijd zijn?

De maximale duur hangt af van de lengte van het contract:

  • Contract van zes maanden of korter: geen proeftijd toegestaan. Ook niet één dag.
  • Contract voor bepaalde tijd langer dan zes maanden, maar korter dan twee jaar: maximaal één maand. Bij cao kan dit worden verruimd tot twee maanden.
  • Contract voor onbepaalde tijd, of voor twee jaar of langer: maximaal twee maanden.
  • Contract zonder vaste kalender-einddatum, bijvoorbeeld “voor de duur van het project X” of ter vervanging tijdens ziekte: geen proeftijd toegestaan, omdat de duur niet vaststaat.

Let op het verschil tussen zes maanden en zeven maanden. Een contract van precies zes maanden mag géén proeftijd bevatten; een contract van zeven maanden wel, van maximaal één maand. Dat is voor veel werkgevers een reden om standaard een contract van zeven maanden aan te bieden in plaats van zes.

Te lang is niet “iets korter”, maar helemaal niets

Dit is de valkuil waar de meeste ondernemers in trappen. Spreek je bij een jaarcontract twee maanden proeftijd af, dan wordt die afspraak niet automatisch teruggebracht tot de toegestane maand. Het hele proeftijdbeding is nietig. Je hebt dus vanaf dag één helemaal géén proeftijd, ook niet in de eerste week. Zeg je in die periode op met een beroep op de proeftijd, dan is die opzegging niet rechtsgeldig en kan dat je flink geld kosten. Hetzelfde geldt als de proeftijd voor jou langer is dan voor de werknemer, of als de afspraak niet schriftelijk of niet op tijd is gemaakt.

Een tweede keer proeftijd? Meestal niet

Verleng je een contract, of komt iemand na een uitzendperiode bij jou in dienst voor min of meer hetzelfde werk? Dan is een nieuwe proeftijd nietig. Het idee is dat je de werknemer in die functie al hebt kunnen beoordelen. Dat geldt ook bij een opvolgende werkgever, bijvoorbeeld na een overname of doorstart, als het feitelijk om dezelfde functie gaat.

Uitzondering: vraagt de nieuwe functie duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden, dan mag je opnieuw een proeftijd afspreken. Denk aan een monteur die leidinggevende wordt. Een iets ruimer takenpakket met dezelfde kern is niet genoeg.

Waar let je op in de praktijk

  • Koppel de proeftijd aan de contractduur in je modellen. Gebruik geen standaardclausule “twee maanden proeftijd” voor alle contracten. Bij een jaarcontract zet je één maand, tenzij je cao meer toestaat — controleer dat expliciet.
  • Zorg dat het contract ondertekend is vóór de eerste werkdag. Laat iemand niet alvast beginnen met de papieren “die volgen nog”. Lukt ondertekenen niet op tijd, stuur dan in elk geval schriftelijk de afspraken inclusief proeftijd vóór de startdatum.
  • Check bij verlenging of overname of een proeftijd nog kan. In de meeste gevallen niet. Wil je meer beoordelingsruimte, kies dan liever voor een kortere contractduur dan voor een proeftijd die geen stand houdt.

Direct zelf regelen?

Stel het bijpassende model op met Lexparaat. Je eerste document is gratis, daarna €5 per document; een juristcontrole €99.

Bronnen

art. 7:652 BW — Proeftijd. Een proeftijd moet schriftelijk en uiterlijk bij aanvang van de arbeidsovereenkomst zijn overeengekomen, en voor beide partijen even lang. Bij een contract van zes maanden of korter, of zonder vaste kalender-einddatum (bijvoorbeeld voor de duur van een project), is geen proeftijd toegestaan. Bij een langer contract voor bepaalde tijd tot twee jaar is de proeftijd ten hoogste één maand (bij cao te verruimen tot twee maanden); bij onbepaalde tijd of twee jaar en langer ten hoogste twee maanden. Een te lange proeftijd maakt het hele beding nietig, niet alleen het meerdere. Een nieuwe proeftijd bij een opvolgende, vergelijkbare functie bij dezelfde of een opvolgende werkgever is nietig, tenzij de nieuwe functie duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden vraagt. wettekst↗

Dit artikel is algemene informatie, geen juridisch advies. Twijfel je over jouw situatie? Scan je contract gratis — en als het advies moet worden, tekent er een jurist.

Zie zelf wat er in je contract staat

Plak een contract, en Lexparaat leest eruit welke termijnen en risico's het bevat — elk met het letterlijke citaat erbij. Gratis, geen account nodig.

Scan een contract